Democratische Monarchie Nederland

Nederland is een democratisch land en de Koning(in) heeft slechts een ceremoniële rol, toch? Nou, dat de Koning slechts een formele rol heeft of zelfs alléén lintjes knipt heeft u wellicht op school gehoord en dan bent u effectief geïndoctrineerd. Dat laatste is eigenlijk alleen in Zweden zo. Volgens Wikipedia is Nederland “een parlementaire democratie onder een constitutionele monarchie, een staatsvorm waarbij de macht gedeeld wordt door de koning(in), de ministers (onder wie de minister-president) en de twee kamers van het parlement“. Oftewel de constitutionele monarchie staat boven het parlement. Dat er ook macht ligt bij de ministers en eerste en tweede kamer is door de grondwet vastgelegd. Laat mij nou eens wat feitjes uit verschillende bronnen bij elkaar brengen en vervolgens mijn vrijheid van meningsuiting exploiteren.

Democratie

Nederland is verder wel democratisch, toch?

Geschiedenis

Het is 1848 en na een lang verhaal is uiteindelijk Willem II aan de macht. Die zag hoe dat jaarLodewijk Filips I van Frankrijk werd afgezet en andere Europese vorsten met geweld tot concessies werden gedwongen”. Uit angst voor zijn eigen positie had Willem II een nieuwe grondwet laten schrijven door Thorbecke en die hebben we nu nog. Hierin is de vorm van de democratie vastgelegd. Wat onbaatzuchtig van Willem II om zo al zijn macht weg te geven, niet? Of was dit juist een briljante stap om toch veel macht te kunnen behouden door niet afgezet te worden? Zijn zoon Willem III vond dit in eerste instantie niets, maar schikte er later maar bij in, ook al “bleef die wel proberen om regeringen te vormen die afhankelijk waren van zijn ondersteuning“.

Kamers

Twee kamers der Staten-Generaal vormen de wetgevende macht in dit land, maar vreemd genoeg nog wel samen met de regering.

De Tweede kamer kent u wel. Iedere 4 jaar worden de leden daarvan direct gekozen en die leden mogen nieuwe wetten aandragen en erover stemmen. Ook “worden ministers er ter verantwoording geroepen voor hun beleid” en een “minister of kabinet kan niet aanblijven zonder het vertrouwen van (een meerderheid in) de Tweede Kamer“, maar dit geldt niet naar de vorst toe.

De wetten die door de Tweede kamer worden aangenomen, moeten vervolgens eerst nog goedgekeurd worden door de Eerste kamer. Die heeft daarmee dus het laatste woord ofwel de feitelijke macht over welke wetten er worden aangenomen en dus niet de Tweede kamer.

De Eerste kamer werd vanaf de oprichting in 1815 altijd gezien als het “bolwerk van de Kroon“. Aanvankelijk mochten er alleen rijke mannen lid van worden, maar de eisen zijn in de loop der tijd naar beneden bijgesteld. In 1918 zijn er nog stemmen opgegaan om de Eerste kamer af te schaffen, maar dat is verworpen door de Eerste kamer.

Hoe de leden van de Eerste kamer worden gekozen is een beetje obscuur. Ze “worden gekozen door de leden van de twaalf Provinciale Staten” en die leden worden weer gekozen door het volk, zoals straks in maart weer. Maar waar kunnen die leden uit kiezen? Om te bepalen wie de kandidaten worden blijkt iedere landelijke partij weer zijn eigen commissie te hebben. De lijsten met kandidaten kunnen (tussen 9:00 en 17:00) worden ingeleverd bij de kiesraad die ze gaat “controleren“. Die kiesraad is weer een “zelfstandig bestuursorgaan” is, gevormd door 7 leden die weer gekozen worden door de regering. Die leden hebben zelf ook weer in de eerste kamer gezeten, zijn burgemeester geweest, was een lid van het KNAW (dit verving ooit een Koninklijk Instituut) of ze zijn gewoon totaal onbekend. De leden van de Eerste kamer zijn voornamelijk hoogleraren, oud-ministers, ex-leden van raden van bestuur, burgemeesters, et cetera. Al met al blijft hoe die mensen in die kamer zijn gekomen een dubieuze en vooral interne aangelegenheid.

De leden van de eerste kamer staan bekend om hun vele nevenfuncties, waar ze alle tijd voor hebben. Deze functies kunnen niet veel invloed hebben op het stemgedrag van de Eerste kamer als geheel. Leden kunnen voor ieder besluit slechts één stem uitbrengen tegenover meerdere nevenfuncties. Bovendien is er niet één organisatie of bedrijf waarbij een meerderheid van de leden een nevenfunctie heeft. Wat hebben deze nevenfuncties dan wel voor gevolg? Eventuele vermoedens over hun stemgedrag worden in ieder geval in vele richtingen afgeleid c.q. diffuus gemaakt.

Regering

De regering is de uitvoerende macht van dit land en wordt gevormd “door de koning en de ministers“. De ministers vergaderen (bijna) altijd zonder de koning en deze ministerraad wordt voorgezeten door een door diezelfde regering gekozen minister-president. Niet dat de Koning geheel buiten spel staat: “De Koning krijgt de notulen van de ministerraad, dus hij weet altijd wat daar wordt besproken. Verder bezoeken ministers de Koning regelmatig om bij te praten en de minister-president doet dat zelfs iedere week (als regel op maandag). Of hij bij deze gelegenheden invloed of druk uitoefent op het te voeren beleid is niet bekend. Er wordt wel gesteld dat de Koning het recht heeft om door zijn/haar ministers geïnformeerd te worden en hen mag bemoedigen en mag waarschuwen.

Wanneer de regering een besluit neemt word dit trouwens grappig genoeg ook wel een “koninklijk besluit” genoemd, maar deze term hoor je bijna nooit. Op Wikipedia staat daarover de volgende hilarische zin:

“Hoewel de koning als eerste het besluit ondertekent, wat de indruk kan wekken dat hij persoonlijk achter het besluit staat, is hij niet zelf verantwoordelijk.”

Tot 2005 stond hier trouwens:

“Een Koninklijk Besluit is de manier om aan te geven dat een besluit een officiële inhoud heeft. Hoewel het formeel een besluit van de Koning is, gaat het in de praktijk om besluiten van de ministers, omdat die politiek verantwoordelijk zijn.”

hoe dan ook staat hier met andere woorden: geen enkel besluit van de regering is geldig zónder een handtekening van de Koning en die handtekening moet ook als eerste gezet worden. Vreemd is de term “koninklijk besluit” dus wellicht niet.

De regering kan, feitelijk wanneer ze dat maar willen, de kamers ontbinden, wat wordt gevolgd door nieuwe verkiezingen komen.

Als er voor een regering of kabinet een status verzonnen wordt als ‘demissionair’, ‘romp-‘ of ‘interim-‘ maakt helemaal niets uit. Uiteindelijk kan een regering altijd overal over blijven beslissen en blijkt dat in de praktijk ook in allerlei vormen voorgekomen te zijn. Het is slechts een soort ‘gewoonte’ om geen ‘controversiële besluiten’ te nemen. Waarschijnlijk alleen maar om protest onder het volk te voorkomen.

Het uiteindelijke ontslaan en aannemen van Ministers zijn ook weer koninklijke besluiten. “De beëdiging van nieuwe ministers en staatssecretarissen gebeurt wel in handen van de Koning.

Na de formatie moeten Ministers en Kamerleden de eed afleggen waarin zij letterlijk zweren niet corrupt te zijn en trouw te zijn aan de Koning. Schending hiervan is meineed en daar staat gevangenisstraf op. Ministers kunnen tijdens hun ministerschap kiezen tussen de Koning trouw zijn of gevangenschap.

Raad van State

Verder is er nog zoiets als een Raad van State wat “advies” geeft aan de Tweede kamer en rechtspreekt bij geschillen tussen overheid en burger. Na ieder advies wordt een zogeheten “Nader rapport” naar de Koning gestuurd. Wie de leden zijn wordt bepaald door de regering (Koning en Ministers). Máxima zit in de raad en Amalia vast ook als ze 18 wordt. Voor de samenstelling geldt wettelijk in ieder geval:

  1. De Raad van State bestaat, buiten de Koning als voorzitter, uit een vice-president en ten hoogste tien leden.

  2. De vermoedelijke opvolger van de Koning heeft, nadat zijn achttiende jaar is vervuld, van rechtswege zitting in de Raad.
  3. Bij koninklijk besluit kan ook andere leden van het koninklijk huis wanneer zij meerderjarig zijn, zitting in de Raad worden verleend.
  4. De leden van het koninklijk huis die zitting in de Raad hebben, kunnen aan de beraadslagingen deelnemen, doch onthouden zich van stemmen.

Geen idee waarom leden van het koninklijk huis hier in het bijzonder genoemd worden. Iedereen kan toch lid van die club worden? Of niet? Hoe dan ook moeten alle leden eerst weer de eed afleggen (en dus trouw zweren aan de Koning). Als de Koning zou komen te overlijden neemt de raad het volgens de grondwet van hem over tot er een nieuwe Koning is “gekozen”.

Formatie

Na de verkiezingen voor de Tweede kamer gaat er een nieuwe coalitie gevormd worden. Dat en hoe dit moet gebeuren, daar zijn helemaal geen wetten voor, dus laat staan dat dit grondwettelijk is vastgelegd. Dit gaat via (in)formateurs en vindt vooral in achterkamertjes plaats, gaat tegen alle democratische principes in, er worden bizarre besluiten bij genomen en uiteindelijk wordt er een coalitieakkoord geschapen. Partijen, waar méér dan de helft van de bevolking op heeft gestemd, moeten dit voor 4 jaar als ultieme concessie accepteren en daarmee allerlei beloftes die ze kiezers hebben gedaan direct overboord gooien. De 4 jaren van regeren erna gaan louter om het uitvoeren van het regeringsakkoord waarbij geen enkele kiezer inspraak had tijdens het samenstellen.

De Koning heeft zogenaamd niets te maken met de formatie, maar “wordt de Koning gedurende het hele proces wel geïnformeerd door zijn vaste adviseurs en de informateur(s) en formateur“, wat wel heel vreemd is voor iemand die zogenaamd niets met die formatie te maken heeft.

Er zijn dus vele alternatieven voor het vormen van regeringen ofwel het aanstellen van ministers en voor een alternatief hoeft er niet eens een wet aangepast te worden. Voordeel van dit alternatief is natuurlijk wel dat de suggestie wordt gewekt dat de ministers indirect ook ‘gekozen’ zijn en het coalitieakkoord op zijn beurt weer door ‘gekozen mensen’ is samengesteld.

Sinds 2012 worden de informateurs niet meer benoemd door de Koning, maar door de Tweede kamer. Iedereen droomde dat de formatie nou eindelijk eens echt zonder de Koning zou plaatsvinden, maar na hun verkiezing gingen de informateurs vrij snel alweer voor een “beleefdheidsbezoekje” naar de Koningin, waar iedereen weer van over de zeik was.

Burgemeesters

Burgemeesters werden tot 2018 nog aangesteld door de regering. Dus de gemeente mocht een kandidaat aandragen, maar de regering moest het altijd nog eerst goedkeuren. Er wordt echter gewerkt richting een anders verkozen burgemeester.

Belangen van de Koning

Het is begrijpelijk dat de Koning zijn positie in dit land in de eerste plaats graag wil behouden. Waar nodig wordt de macht gebruikt om die positie te behouden. Wat u massaal zit te klagen en schelden via bijvoorbeeld GeenStijl of Facebook interesseert hem uiteraard geen ene hol. Maar als er een miljoen gele hesjes tegelijk naar Den Haag zouden komen en de politiemachten zouden overmeesteren, dan is het spel gewoon uit en dat moet dus koste wat het kost voorkomen worden.

De Koning en al zijn vriendjes verdienen er goed aan door op de positie te zitten waar ze zitten en daar gebruik van te maken. Daarmee zijn ze dus gebaat bij c.q. hebben ze er belang bij dat het economisch goed gaat met Nederland en dat iedereen netjes zijn belasting betaald. Ook de rest van de elite moet netjes betaald worden via bijvoorbeeld hypotheekrente.

Als mensen veel geld hebben gaan ze daar in eerste instantie vooral leuk van leven. Als daarbij ook je woning en personeel door de staat vergoed wordt, zou er af en toe nog weleens wat geld over kunnen blijven. Wat gaat men dan doen? Investeren … nog meer investerenaandelen kopen … voor het Koningshuis is dat niet anders. Op januari 2018: “Koningin Wilhelmina had naar verluid ooit 25 procent van de aandelen van Shell. Zover bekend is dat belang nooit verkocht. Wel bestaat de kans dat het aandelen pakket in stukken van kleiner dan vijf procent is gehakt. Want als iemand minder dan vijf procent van de aandelen van een bedrijf bezit, hoeft dat niet openbaar te worden gemaakt.” Vervolgens de April erna: “Koning heeft geen aandelen Shell“, maar blijkbaar heeft zijn moeder nog wel: $200 aan aandeelwaarde? Hoeveel procent was dat in 2011? Hoe de rijkdom nu ook verdeeld moge zijn, u snapt natuurlijk wel dat die aandelen niet op straat uitgedeeld zijn.

Naast het verhaal van de aandelen blijft iedereen zich verbazen over waarom “het kabinet” toch steeds meegaat met de wensen van multinationals.

Regeert de Koning?

De Koning zou een land nooit alléén kunnen regeren, simpelweg omdat dat te veel werk is. Hij heeft altijd hulp bij nodig van vriendjes die zijn directe onderdanen zijn. Je zou die vriendjes ook “adviseurs” of “ministers” kunnen noemen. Die lui vergaderen vanzelfsprekend met elkaar en deze vergaderingen heette aanvankelijk de Raad van State, maar sinds 1842 zitten ze apart in de Ministerraad. De Koning vormt samen met de ministers de regering en dus uitvoerende (en ook wetgevende) macht van dit land. Omdat de Koning ook het laatste woord heeft over de benoeming van de ministers zelf is hij (formeel) eindverantwoordelijk voor uitvoerende (en wetgevende) macht.

Af en toe komt er in de politiek discussie over dat het koningschap puur ceremonieel zou moeten zijn. Dit werd vooral begonnen en aangezwengeld door leden van de tweede kamer die nooit minister, fractievoorzitter burgemeester waren (en gek genoeg ook nooit méér werden). De meeste gaan dit soort discussies angstvallig uit de weg.

Voordelen Vast Staatshoofd

In echte democratieën zoals die van de Balkan kunnen nog weleens politieke patstellingen ontstaan. Daarbij zijn alle partijen het met alles oneens, dus er gebeurd niets meer en het land wordt onregeerbaar. In Nederland heeft een coalitieakkoord hetzelfde effect en ik kan nergens uit afleiden dat dat niet zonder de vorst tot stand kan worden gebracht.

Een vorst die lang aan de top staat van een land heeft waarschijnlijk wel een voordeel bij het opbouwen van langdurige, degelijke (koninkrijks)relaties met andere landen en bedrijven in het buitenland. Een Oranje-expert:

“In hoeverre is zo’n contract van een bedrijf terug te leiden op het feit dat de koning mee was met een handelsmissie? Ik heb dat wel eens nagebeld, en toen kwam naar voren dat zo’n contract vooraf al grotendeels uitonderhandeld was. Het is vooral een mooie gelegenheid om te ondertekenen, voor de foto.”

Waar kan uit afgeleid worden dat onderhandelingen niet beter door een expert gedaan kunnen worden (die korter in de positie zit daarvoor), dan iemand die toevallig het eerste kind is van de goede ouders?

Stel dat de politieke invloed van de Koning op een of andere manier verdwijnt, dan zou een volgende stap kunnen zijn om de parlementaire democratie om de zetten in een directe democratie. Bijvoorbeeld zoals ooit voorgesteld door Maurice de Hond. Dit zou de kloof tussen politiek en burgers heus verkleinen, maar hoe werkt het dan met impopulaire maatregelen? Regering: “We moeten de belasting verhogen.” Volk: “Nee.” En dan? Dat wordt een puinhoop die geen enkel volk verdient. Wellicht kan democratie wel wat directer via referenda?

Het Referendum

Een referendum kan democratie directer maken, zeker wanneer het bindend is. Een raadgevend referendum was er al een tijdje. Een bindend referendum is in 1999 bijna aangenomen, maar werd weggestemd in de Eerste Kamer. Dit gebeurde in de Nacht van Wiegel, vernoemd naar Hans Wiegel die oud-minister is en dus een bekende van het Koningshuis.

Raadgevende referenda zijn nooit veel gehouden en als het werd gehouden liep alleen al het organiseren ervan niet lekker. Op deze raadgevende referenda is nooit iets uitgedaan, dus het netto-effect van die referenda was dat het slechts de geloofwaardigheid van de democratie verminderde. Recent is het referendum definitief afgeschaft, dus i.p.v. de democratie directer maken, werd die alleen maar minder direct gemaakt.

AIVD

Stel ik zou een stuk papier pakken en er een kop op zetten als: “Grondwet”. Vervolgens komt regel 1: “Josbert Lonnee is de absolute leider van dit land”. Ik mag toch wel hopen dat u mij dan recht in het gezicht uit zou lachen. Toch werkt macht feitelijk in geen enkel land anders. Hoeveel er ook op papier wordt gezet, dat dat rechtsgeldig is moet te allen tijde bekrachtigd worden door de mensen aan de top van het land. Alléén de vorst is niet voldoende; ook mensen in de regering en aan de top van machtige organisaties van het land moeten bij de club horen van mensen die trouw zijn aan de vorst. Zo gaat het om de top van bijvoorbeeld politie, leger, AIVD, ministeries, bepaalde nutsbedrijven, maar ook om fractievoorzitters en lijsttrekkers van grotere politieke partijen.

Mensen die een hoge positie gaan bekleden moeten weliswaar die eed afleggen, maar voor of ze de Koning werkelijk trouw zijn kan het beste naar hun achtergrond en geschiedenis gekeken worden. Voor of ze samen complotten tegen de macht aan het vormen zijn kunnen ze het beste in het geniep in de gaten gehouden worden.

Als er een apart orgaan was geweest wat verantwoordelijk was voor of de hoge club de vorst nog wel trouw is, dan zou dit teveel opvallen en verdenkingen en protest op zich nemen, zeker als het “het instituut ter voorkomen van afzetten van de Koning” zou heten. Werknemers ervan zouden teveel opvallen en in een kwaad daglicht kunnen komen te staan. Het is veel handiger om dit orgaan samen te voegen met organen die een taak hebben waarvan men verwacht dat die in het geniep plaatsvinden. Zo was er eerst de “Generale Staf”, dit werd de “Centrale Inlichtingendienst” en toen weer “Bureau Inlichtingen”. Dat werd met de “Politiebuitendienst” samengevoegd tot het “Bureau Nationale Veiligheid”. Er was een “Binnenlandse Veiligheidsdienst” en een “Buitenlandse Inlichtingendienst”, maar die werden ook weer samengevoegd en het resultaat werd uiteindelijk omgedoopt tot de “Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst”. Misschien wordt deze nog samengevoegd met de MIVD?

Het grappige is nu uiteindelijk dat de AIVD als “dienst” het stempel “algemeen” krijgt, terwijl het bijvoorbeeld niet direct om uw “veiligheid” gaat: na een misdrijf mag u naar de politie toe om een aangifte op de grote stapel te laten leggen. Om uw of mijn inlichtingen gaat het ook niet; mij vertellen ze in ieder geval nooit wat. Van de 5 “algemene” taken die de AIVD heeft zijn de eerste twee:

  • A-taak: Het verrichten van onderzoek naar organisaties en personen die aanleiding geven tot het ernstige vermoeden dat zij een gevaar vormen voor de democratische rechtsorde, de veiligheid van de staat of voor andere gewichtige belangen van de staat;
  • B-taak: Het verrichten van veiligheidsonderzoeken naar kandidaten voor vertrouwensfuncties (deze taak is apart uitgewerkt in de Wet veiligheidsonderzoeken);

Of de AIVD de Koning zelf in de gaten houdt is nog maar de vraag, alleen al omdat die door de grondwet als onschendbaar is aangemerkt.

Conclusie Democratie

Het enige middel waarmee het volk min of meer direct macht uit kan oefenen, zijn de moties die de Tweede kamer kan indienen jegens Ministers, niet de Koning. Maar dit gaat juridisch nog steeds eigenlijk helemaal nergens over. De motie kan weliswaar het predicaat “wantrouwen” of “treurnis” o.i.d. krijgen, maar veel maakt het niet uit. De Tweede kamer kan geen Minister ontslaan, geen wet afdwingen en al helemaal niets doen tegenover de vorst. Dus waarvoor is die democratie dan wel?

Effect

De huidige democratie zoals vastgelegd in de grondwet is ooit mede-bedacht door het Koningshuis en is eigenlijk de ultieme vorm van “verdeel en heers“. Zoals één van drie partijen, wanneer die de twee anderen tegen elkaar opspeelt, zelf buiten schot blijft en zo regeert, maar dan met net zoveel partijen als het volk zelf wenst. Ontevredenheid over besluiten aan de top is er altijd geweest, zal er altijd zijn en wordt wellicht nog veel meer en massaler. Echter wordt door de democratie die ontevredenheid afgeleidt richting de politieke partijen die het eens waren met de besluiten.

Als er gekeken wordt naar mensen die de besluiten uiteindelijk nemen is het nogmaals “verdeel en heers”.  Zo is het een leuke om te stellen dat de “politieke verantwoordelijkheid” uiteindelijk ligt bij de ministers. Die verantwoordelijkheid ligt in ieder geval niet bij het staatshoofd; de Koning zou geen politicus zijn en die verantwoordelijkheid dus niet kunnen hebben, ook al wil die dat trouwens wel. Zo ligt alle verantwoordelijkheid bij vervangbare mensen. Een Koning zou er voor zichzelf verstandig aan doen om zijn politieke invloed te minimaliseren tot dat wat nodig is om zijn positie en inkomen veilig te stellen. Voorts is het in zijn belang om die minimale invloed buiten beeld te houden voor het plebs.

Wanneer vervangbare politici zoals ministers via “hun verantwoordelijkheid” teveel onvrede hebben afgevangen en te ongeloofwaardig geworden zijn kunnen zij gewoon in de baantjescarrousel gezet worden en een andere er uitgehaald worden. Vervolgens blijft die even buiten beeld voor het plebs, totdat die hem of haar grotendeels vergeten. Alleen met een staatshoofd kan dit niet.

Rol

Over Nederland wordt veelal de indruk gewekt dat het een democratie is met een ceremonieel of formeel koningschap. Ceremonieel is het volgens de wetten sowieso niet en in de praktijk blijkt het ook zeker niet puur formeel te zijn. Nederland is een monarchie met een formele democratie. En het ergste is nog dat dat niet per se geklaag is van iemand die bijvoorbeeld niet meer in de democratie gelooft, maar dat het gewoon grotendeels grondwettelijk is vastgelegd. Een veel gebruikte klacht is dat de politiek een poppenkast is en ik kan eigenlijk nergens uit afleiden dat dat niet zo is. Iedere natie krijgt de regering die het verdient

Vertrouwen

De verdeel-en-heers tactiek via de democratie werkt alléén zolang de geloofwaardigheid c.q. het vertrouwen in democratie zelf, dus in het politieke systeem in stand blijft. Gezien de opkomst voor bijvoorbeeld de verkiezingen voor de Tweede Kamer zit dat wel snor. Voor zover er wantrouwen in de politiek is, is dat sowieso bijna nooit te verklaren a.d.h.v. dat de vorst zich er teveel mee bemoeid.

Verder is er wel wantrouwen in politiek zelf en daar lijken steeds meer redenen voor te komen. Alle echte problemen zijn in dit land al lang opgelost, dus daar gaat het allang niet meer over. Er zijn alleen nog problemen over waarvoor geen politiek correct antwoord meer voorhanden is, dus waar een meerderheid van de bevolking achter staat.

  • Iedereen wil een beter milieu en geen klimaatverandering, maar niemand wil er teveel voor betalen.
  • Iedereen wil 100 jaar oud worden, een hoog pensioen vanaf 55 jaar én eindeloze zorg, maar daar wil niemand teveel voor betalen.
  • Niemand wil zien hoe zijn woonomgeving islamiseert en hoe vele niet-westerse migranten hier permanent in de uitkering belanden. Maar kernmacht Saudi-Arabië voor het hoofd stoten, een wereldoorlog uitlokken en hier een complete chaos veroorzaken wegens onbetaalbaar wordende olie is ook niet bepaald een optie.
  • Iedereen wil dat mensen dit land uitgezet worden die hier niets te zoeken hebben, maar niemand wil daarmee ook kinderen wegsturen die hier hun hele leven hebben gewoond en hier zijn opgegroeid.
  • Ieder bedrijf wenst graag zijn kosten te drukken door te automatiseren of productie naar lage-lonen-landen te verplaatsen, maar iedereen wil wel werk wat bij zijn opleiding en niveau past.

Omdat de politiek hier geen goede antwoorden op heeft, gaat het volk de politiek wantrouwen. Dit wordt in de media de “kloof tussen politiek en burgers” genoemd die steeds groter zou worden. Dit is ook niet alleen in Nederland zo, maar het probleem is dat wantrouwen in de politiek ook leidt tot wantrouwen in het politieke systeem. Zo tast het wantrouwen in de politiek potentieel dus ook de geloofwaardigheid van de democratie aan, ook al lijkt dit vooralsnog wel mee te vallen.

In 2002 leek het er even op dat Pim Fortuyn een monsterzege zou behalen in de verkiezingen van de Tweede kamer en hij was niet bepaald een fan van het Koningshuis. Bij coalitieonderhandelingen zou hij zeker tot de nodige discussies hebben geleid in het Koningshuis. Als hij na die onderhandelingen compleet “om” zou zijn, zou hij bijna niets te kunnen blijken waarmaken van wat die het volk allemaal had beloofd, wat de geloofwaardigheid van de democratie ernstig zou hebben geschaad. Beveiliging kreeg hij niet en wilde hij eigenlijk ook niet. Zo was een ander gevaar was dat hij vermoord zou worden, bijvoorbeeld door een Islamist, en dat zou de nodige onrust veroorzaakt hebben. Maar het liep toch heel anders: Hij werd vermoord door iemand waarmee de blaam terechtkwam bij het ‘milieuactivisme’. Zijn “moordenaar”, die “onze democratie om zeep hielp“, is inmiddels vrij, heeft natuurlijk een mediaverbod en heeft inmiddels een mooie deal met het OM kunnen sluiten.

Sinds Pim Fortuyn is er een politieke partij waar mensen die ontevreden zijn met de politiek terecht kunnen, met name de neppartij (beweging) PVV. Sindsdien is er dus een mogelijkheid om ontevreden te zijn, maar toch wél te stemmen. Oftewel om niet te geloven in de politiek en toch wél te geloven in het politieke systeem. Die stemmen bereiken niets, maar wellicht is dat ook precies de bedoeling? Het maakt niet zo veel uit, zolang het aantal stemmen van dergelijke bij elkaar maar onder de 50% blijft. Dit wordt bereikt doordat andere partijen tegen verkiezingstijd dingen gaan roepen die de ontevreden kiezers willen horen. Ondertussen wordt, in tegenstelling tot Fortuyn, de partijleider van de PVV wél goed beveiligd.

Thierry Baudet heeft inmiddels reeds een deels geheimzinnig gesprek gehad met de Koning en het Forum voor Democratie is voor het Koningshuis. Ik vrees dat we met deze partij erbij nu een partij hebben voor ontevreden Tokkies en ontevreden niet-Tokkies.

Vernieuwing

Hier en daar wordt af en toe het politieke systeem ogenschijnlijk ietsje “democratischer” gemaakt. Zo leken informateurs anders benoemd te gaan worden en burgemeesters gaan wellicht anders benoemd worden, maar vooralsnog loopt het geen storm met wat het plebs van dit land te zeggen heeft. Maar wellicht is dat ook niet nodig? Vooral de komende verkiezingen voor de Tweede kamer gaat u waarschijnlijk weer netjes naar de stembus. U gelooft blijkbaar in de democratie!

Tot Slot

De grondwet zit zo in elkaar dat de Koning altijd over alles het laatste woord heeft. Hier en daar wordt gesuggereerd dat het Koningschap puur formeel is. Wat de invloed is die de Koning zelf uitoefent wordt echter buiten beeld gelaten en omgeven door geheimzinnigheid. Waarvoor zou dit laatste nodig zijn indien de Koning zelf geen invloed uitoefent?

Het grondwettelijke politieke systeem is er nu (2019) inmiddels al 170 jaar. Waar heeft dat dit land gebracht? Nederland is op zich een rijk land geworden (of gebleven). Nederlanders zijn volgens de media in ieder geval tevreden met hun sociale leven, baan en met Willem-Alexander. Dit benoemd Willem-Alexander ook in zijn laatste kersttoespraak. Dus rampzalig kan het Koningshuis voor Nederland niet zijn geweest. Echter, hoe Nederland zou zijn als er 170 jaar geen Koningshuis meer geweest was is niet na te gaan. Aan de andere kant gaat het met Zwitserland ook prima (of zelfs beter) en die hebben diezelfde 170 jaar geen Koningen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s